Uni-Q

Van de vele baanbrekende innovaties van KEF is de Uni-Q point source driver array met zijn uitstekende akoestische helderheid en off-axis dispersie waarschijnlijk de belangrijkste van allemaal. Met ruim 20 jaren aan continue innovatie en ontwikkeling, levert de Uni-Q driver array een geluidskwaliteit die simpelweg niet kan worden verkregen met conventionele luidsprekers.

Geluiden komen zo natuurlijk naar u toe dat het lijkt alsof de muzikanten of acteurs daadwerkelijk voor u staan. Of u zich nu in het midden van de kamer of aan de zijkant bevindt, opnamen klinken echt en overtuigend. Uni-Q kan dit omdat, anders dan bij conventionele luidsprekers, het geluid vanuit eenzelfde punt in de ruimte komt, en gecontroleerd en continue over het gehele audiobereik wordt geproduceerd.
 
 

Uni-Q®

Of u zich nu in het midden van de kamer of aan de zijkant bevindt, opnamen klinken echt en overtuigend. Animatie Afspelen >
 
 
 

Het is niet eenvoudig om een overtuigende en realistische weergave van een live optreden te produceren. Dit komt doordat het geluid van een hoogwaardige luidspreker niet vanuit een enkele bron of drive unit komt. Twee of meerdere units zijn nodig voor een getrouwe weergave van het volledige spectrum: van de lage bas, zoals die van een concertorgel of een bioscoopexplosie, tot de delicate nuances van menselijke stemmen in het middengebied en de hoge tonen van cimbalen. De meeste luidsprekers beschikken over boven elkaar bevestigde midrange en treble drive units. Daardoor komt het geluid van twee verschillende plekken, wat leidt tot audio ‘verwarring’. Zo gaat de kans om een oprecht natuurlijk geluid te realiseren verloren. Met Uni-Q worden de midrange en treble units bevestigd op precies dezelfde plek in een ruimte. Hierdoor kunnen ze perfect integreren en creëren ze het ideale geluidsveld. De luisteraar ervaart zo een overtuigend natuurlijk geluid.

 
In the audio-industrie is het al vele jaren bekend dat de ‘point source’ één van de ideaalste vormen voor een luidspreker is, waarbij al het geluid vanuit eenzelfde plek in een ruimte wordt verspreid. Om dit mogelijk te maken, moeten de drive units (bijvoorbeeld de bas en treble units in een 2-weg systeem) zo worden bevestigd dat hun akoestische centra op dezelfde plek zitten. Het probleem hierbij was altijd de fysieke omvang van de treble unit. Deze het onmogelijk om de unit in het midden van de bas unit te monteren. Diverse vormen van coaxiale units werden ontwikkeld, waarbij de tweeter ofwel voor of achter het akoestische centrum van de bas unit werd gemonteerd. Hieraan kleven echter grote nadelen. De sleutel voor het uitvinden van de Uni-Q was de komst van een nieuw magnetisch materiaal met de naam Neodymium-Ijzer-Borium. Dit materiaal beschikt over een tien maal zo hoge magnetische sterkte dan een traditionele ferrietmagneet. Daardoor werd het mogelijk om een hoogsensitieve treble unit te ontwikkelen die klein genoeg was om in de voice coil diameter van een doorsnee bas unit te passen en precies daar te plaatsen waar de akoestische bronnen ‘samenvallen’.
 
 
Met de akoestische centra op hetzelfde punt in een ruimte, zijn de akoestische outputs van de bas- en treble units in alle richtingen ‘time-aligned’. Hierdoor wordt het voor de ontwerper mogelijk om een perfecte integratie tussen de units te realiseren. En dit geldt niet alleen voor één as, zoals het geval is bij verticaal gescheiden units, maar voor alle richtingen. Het eerste voordeel van Uni-Q is dus het afrekenen met het verticale interferentiepatroon van aparte bas en treble units. Dit patroon beperkt het gebied van een hoogwaardige geluidsoutput naar slechts +/- 10 graden boven of onder de hoofdas. Hetzelfde effect beperkt niet alleen het verticale luistergebied, maar produceert ook een daling in de totale energie- output in de bas/treble crossover regio. Dit leidt tot een vervorming van de weerkaatste energie in de luisterkamer. In Uni-Q systemen is dit effect volledig geëlimineerd.
 
 
Het tweede voordeel van Uni-Q wordt ook wel ‘matched directivity’ genoemd. Met de aan het midden van de bas drivers conus bevestigde treble unit, wordt diens directiviteit (de spreiding van geluid weg van de hoofdas) bepaald door de hoek van de conus, die ook grotendeels de directiviteit van de bas driver bepaalt. Met de gezamenlijke bevestiging van de twee units kan de directiviteit van de treble unit worden aangepast, zodat deze min of meer overeenkomt met die van de bas driver. Wanneer de luisteraar weg loopt van de hoofdas, dan daalt de output van de treble unit in min of meer hetzelfde tempo als die van de bas unit. Dit levert een betere uniformiteit van de tonale balans, en bevordert het off-axis stereobeeld. De luisteraar is dus meer niet zo afhankelijk van een centrale ‘sweet-spot’, zoals het geval is bij conventionele luidsprekers. Hetzelfde vindt natuurlijk plaats in de verticale vlak, zodat weerkaatste energie in de luisterkamer een gelijke balans behoudt. Dit draagt bij aan de realistische sfeer voor het geluid, zonder bijkomstige tonale kleuringen. De directiviteit wordt door engineers vaak aangeduid als de ‘Q’, en de ‘Unifying’ van de ‘Q’ heeft geleid tot de naam ‘Uni-Q.
 
 
Voor de luisteraar heeft de verbetering van de directiviteit en een exacte tijdsalignatie in alle richtingen geleid tot een aanzienlijk beter stereobeeld voor een groot luistergebied. Het realisme wordt versterkt door een goede balans van de weerkaatste energie in de luisterkamer.